Wolkentypen

Uit Astrowiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Altocumulus[bewerken]

Altocumulus.jpg

De altocumulus (wit of grijsachtig) bevindt zich in de middelste laag van de troposfeer, tussen de 2 en 6 kilometer. Dit type wolk kan ontstaan zijn uit de bovenkant van de stratocumulus of van grote cumuluswolken. Deze wolk kan ook verschijnen als de lucht opgetild wordt in de buurt van een naderend front. Dit type bestaat voornamelijk uit waterdruppeltjes, maar kan in de bovenste lagen ook ijskristallen bevatten.


Altostratus[bewerken]

Altostratus.jpg

Dit type wolk is de grijze of blauwachtige gladde laag van (soms) gestreepte wolken. Ze bedekken meestal geheel of gedeeltelijk de lucht op 2 tot 6 kilometer hoogte. Soms zijn ze zo dun dat de zon er doorheen te zien is. Ze bestaan voornemelijk uit zeer koude waterdruppels. De altostratus vervangt de cirrostratus als een warmtefront nadert.


Cirrocumulus[bewerken]

Cirrocumulus 1 320.jpg

Deze wolken noemt met ook vaak ‘schapewolkjes’. Ze zijn te vinden op een hoogte van 5 tot 11 kilometer en bestaan uit ijskristallen. Cirrocumulus gaan vaak een storm vooraf of kondigen een naderend front van onstabiel weer aan.


Cirrostratus[bewerken]

Cirrostratus.gif

Cirrostratus bevinden zicht op een hoogte van 5 tot 11 kilometer. Dit wolkentype is moeilijk te onderscheiden van nevel die door vervuiling wordt veroorzaakt. In tegenstelling tot de vervuilde nevel, breken de ijskristallen van de cirrostratus het licht, waardoor zich de karakteristieke halo rond de maan of de zon vormt. Dit type wolk volgt vaak na de cirrus, bij de nadering van een warmtefront.


Cirrus[bewerken]

Cirrus.jpg

Deze wolken worden gevormd in de hoogste regionen van de lucht op ongeveer 5 tot 11 kilometer en bestaan volledig uit ijskristallen. Als deze ‘verderwolken’ door de hele lucht verspreid zijn, zijn ze vaak de eerste voortekenen voor een storm of een naderend warmtefront.


Cumulonimbus[bewerken]

Cumulonimbus.jpg

In extreem onstabiele atmosferische omstandigheden worden dichte cumuluswolken gevormd. Ze zijn wit aan de randen, maar zeer donker aan de onderkant. Dit type groeit uit grote cumuluswolken op een hoogte tussen de 500 meter en 2 kilometer. De top kan een hoogte bereiken van 3 tot 6 kilometer. De top van de wolk bevriest tot ijskristallen. De gebobbelde koepel wordt plat als de top bevriest en spreidt zich vaak uit als een aanbeeld. Volledig ontwikkelde cumulonimbus brengen vaak regen- of hagelbuien en vaak onweersbuien.


Cumulus[bewerken]

Cumulus1.jpg

Dit zijn de typische bloemkoolwolken die je vaak ziet op zonnige dagen. Ze ontstaan meestal in de ochtend als de grond zich opwarmt, is het meest uitgebreid om vervolgens in de avond weer te verdwijnen. De onderkant van de cumulus bevind zich meestal rond de 700 meter hoogte.


Cumulus congestus[bewerken]

Cumulus congestus.jpg

De cumuluswolk kan zich ontwikkelen tot de cumulus congestus, die zeer indrukwekkend is om te zien. De aanhoudende opwaartse luchtverplaatsing geeft de wolk namelijk bobbels en uitstulpingen die voordurend van vorm veranderen. Dit type brengt zelden regen.


Mamma[bewerken]

Mamma.jpg

Soms is de onderkant van een cumulonimbus een massa van laaghangende buidels, die ontstaan door vallende ijskristallen. Deze verschijnen aan het einde van een storm. Dit type wordt mamma genoemd vanwege de overeenkomst met borsten. Soms verschijnen ze ook aan de onderkant van een regenwolk.


Nimbostratus[bewerken]

Nimbostratus 2.jpg

De nimbostratus is een deken van dikke, donkere wolken en bevind zicht op een hoogte van 900 meter tot 3 kilometer en brengt regen of sneeuw. Dit type vergezelt altijd warmtefronten, die twee massa’s van vochtige lucht scheiden.


Stratocumulus[bewerken]

Stratocumulus1.jpg

Dit type is een gewone, laaghangende wolk op 400 meter tot 2 kilometer en bestaat uit waterdruppels. Dit type komt vaak voor in de winter en geeft vaak motregen of lichte sneeuw.


Stratus[bewerken]

Stratus.jpg

De stratus is een vormeloze wolk en hangt op 400 meter of lager boven de grond. Dichte mist is ook een stratuswolk. Dit type kan lichte regen motregen geven, maar zelden meer dan dat.


Demelza Ramakers (30 oktober 2006)